Verzet je
(of niet)

De impact van in verzet gaan tijdens de oorlog bespreken oud-gevangene Marie Blommaart en fotograaf Daniel.

Hoe zat het ook alweer?

Kamp Vught was tijdens de Tweede Wereldoorlog een concentratiekamp met ruim 32.000 gevangenen. Het kamp werd in 1942 gebouwd omdat de andere twee concentratiekampen in Nederland, Kamp Westerbork en Kamp Amersfoort, de toenemende stroom gevangenen niet meer aankonden. Het leven in het kamp was zwaar. Geweld was aan de orde van de dag en alle macht was in handen van de bewakers. Het leven van de gevangenen was in de ogen van de bewakers niets waard.

Ik heb voor mijn vrijheid
moeten knokken

Daniël Niessen e Marie Blommaart

Marie Blommaart was 19 toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak. Eerst leek er nog niet zoveel aan de hand. Het leven ging gewoon door. Maar al snel veranderde dat. De sfeer werd grimmiger en veel mensen kwamen in moeilijkheden. Van haar moeder had ze geleerd dat je mensen moet helpen waar nodig. Ze zou dat de hele oorlog door doen.

Daniël Niessen is 21 jaar en fotograaf. Hij is zich bewust van de vrijheid waarin hij leeft. Hij vindt het dan ook belangrijk dat niet wordt vergeten wat er tijdens de Tweede Wereldoorlog is gebeurd. Zeker omdat mensen tegenwoordig steeds feller tegenover elkaar lijken te komen staan. “Ik maak me vaak druk om kleine dingen. Als je het verhaal van Marie hoort dan snap je: dát zijn pas problemen. Ik vind het moeilijk te zeggen wat ik in haar situatie zou hebben gedaan. Ik heb nooit een oorlog meegemaakt.”

In oorlogstijd is een
leven niets waard

Marie: “Wanneer je ondergedoken zat, was je niemand. Je bestond niet.”
Daniël: “Wat betekende dat toen u in het kamp zat?”
Marie: “Toen ik gevangen zat in Kamp Vught was ik niets meer. Iedereen was er een nummer. Ik was niet meer Marie Blommaart, maar nummer 0840. Ik was niemand.”

Stuk stof van de kampkleding van Marie met daarop haar nummer.

In verzet komen is
een bewuste actie

Daniël: “Vaak lees of hoor je dat iemand ‘bij het verzet ging’. Alsof het een bewuste actie was. Hoe was dat bij u?”
Marie: “Ik rolde er toevallig in. Ik was me helemaal niet bewust van gevaar en wilde gewoon helpen. Tot het moment dat ik werd opgepakt, dacht ik dat het allemaal wel mee zou vallen. Zelfs toen ik gevangen zat, ging ik door met het verzet.”
Daniël: “Wat hield dit verzetswerk in?”
Marie: “Het werk in het kamp was het verstellen van kleren. We naaiden briefjes in de zomen van de kleding van de mensen die naar huis gingen. We vroegen die mensen dan deze briefjes te posten. Zo wisten de mensen thuis hoe het ging met familie of vrienden die gevangen zaten.”
Als Marie wordt vrijgelaten uit Kamp Vught moet ze vrijwel direct weer onderduiken. De oorlog is dan nog niet voorbij. Pas in 1945 is ze echt vrij. En dan?

Van oorlog ben je nooit vrij

Daniël: “Hoe ging u na de oorlog verder met leven?”
Marie: “Dat gaat dus niet zomaar. Ik heb tien jaar lang gezwegen. Er werd niet over gesproken. Het was voorbij. Pas met de tienjarige bevrijding werd er weer over gepraat. Toen brak ik. Ik heb elf weken op de psychiatrische afdeling van het ziekenhuis gelegen. En die psychiater heeft het heel goed gedaan. Ik moest het steeds maar weer vertellen. Steeds maar weer. Tot ik op den duur eindelijk kon huilen. Toen heb ik dagen gehuild. Letterlijk.”
Daniël: “Wat ik bijzonder vind, is uw ongelofelijke doorzettingsvermogen.
Zelfs terwijl u gevangen zat, bent u mensen blijven helpen. En u bent
altijd optimistisch gebleven. Toen, en nu nog steeds.”

Waarom is deze
geschiedenis
eigenlijk belangrijk?

Daniël: “Dit soort verhalen moeten verteld blijven worden, vind ik. We kunnen er van leren, er op reflecteren en ervoor zorgen dat het nooit meer gebeurt. Het meest opvallende uit het verhaal van Marie vind ik dat je, ongeacht de situatie, open moet blijven staan voor elkaar en naar elkaar moet luisteren. En zelf moet blijven nadenken. Of, zoals Marie het me zei: ‘De waarheid is niet zwart-wit. We moeten af van tunnelvisie. We moeten open staan voor dialoog. Dat is het enige om chaos te voorkomen’.”

Armbandje met kampnummer van een onbekende gevangene,
gevonden door Marie in Kamp Vught.

Kamp vught
In concentratiekamp Vught zaten in totaal ongeveer 32.000 mannen, vrouwen en kinderen gevangen. 12.000 Joden en 20.000 politieke gevangenen onder wie verzetsmensen zoals Marie. Ruim 750 gevangenen stierven in Kamp Vught. Veel van de gevangenen werden vanuit Kamp Vught naar vernietigingskampen op transport gezet en hebben de oorlog niet overleefd. Dat geldt met name voor de Joodse gevangenen.

Meer info: nmkampvught.nl.